heet vanaf nu
2020
31
mei
door
Ingrid Hummel
288
1
0

Pest en Cholera. Geneeskunde door de eeuwen heen.

Chirurgische ingrepen zijn altijd spannend. Maar duizenden of honderden jaren geleden waren ze bij vlagen ronduit schokkend. Dat blijkt wel uit het boek ‘Pest en cholera. Geneeskunde door de eeuwen heen‘, geschreven door historicus Jonathan J. Moore, die er voorzichtig op wijst dat het boek wat minder geschikt is voor gevoelige lezers. En daarmee is niets te veel gezegd. Want chirurgen gingen in het (soms nog niet eens zo heel verre) verleden niet zachtzinnig te werk. Dat wordt pijnlijk duidelijk in het hoofdstuk over schokkende operaties die tot duizenden jaren geleden – meestal zonder enige vorm van verdoving – werden uitgevoerd. We nemen jullie mee met enkele passages uit dit boek.

Schedelboring

“De oudste bekende chirurgische ingreep is trepanatie of schedelboring: een gat in de schedel boren zonder onderliggend weefsel te beschadigen,” zo schrijft Moore in het betreffende hoofdstuk, waarvan wij een gedeelte mogen publiceren. “De eerste vermelding in archeologische verslagen is die van een verzameling schedels van begraafplaatsen in Frankrijk uit ca. 6500 v.C. Het aantal gevonden schedels duidt erop dat het een normale procedure was; om ‘kwade geesten’ eruit te laten of om ingedeukte schedels te repareren…dat is niet bekend. Veel van de trepanatiewonden waren genezen, dus de operaties waren een succes. Dat gold niet voor alle ingrepen in de geschiedenis en veel schokkende operaties brachten ellende en de dood. Twee ontwikkelingen verbeterden de kansen van de patiënt: anesthesie en desinfecteermiddel.

Snijders

In de begintijd van de geneeskunde waren chirurgen niet de verheven personen die ze tegenwoordig zijn of zelfs in de 19de eeuw waren. Chirurgen waren een lagere orde in het medisch beroep én de sociale hiërarchie. Ze werden vaak ‘snijders’ genoemd en waren niet tot doctor opgeleid. Heelmeesters die zich chirurg noemden, werden als niet veel beter dan handarbeiders beschouwd. Hun medische opleiding (als ze die al hadden) was beperkt. Ze hadden enige kennis van anatomie en konden dingen af- of uitsnijden, gebroken ledematen zetten, geslachtsziekten behandelen, bij een bevalling helpen en als ze heel ambitieus waren een schedelboring proberen. Ze gebruikten een chirurgenset messen, zagen, naalden, tangen en scalpels om hun ambacht uit te voeren. Net als de rest van de medische beroepsgroep hadden ze geen ervaring met hygiëne en maakten ze hun instrumenten en operatietafels zelden schoon. De eerste operatie met anesthesie vond pas in 1846 plaats. Chirurgen opereerden vaak in hun straatkleren, regen zijden afbinddraad door hun knoopsgaten of bewaarden het in hun zakken. Elke operatie was extreem gevaarlijk voor de patiënt, en in ziekenhuiszalen hing een vreselijke stank, veroorzaakt door gangreen en rottend vlees. Bij patiënten die de schok van de operatie overleefden, werd een zinken bord onder wonden geplaatst om het ‘heilzame pus’ op te vangen dat uit de wond liep en als een goed teken werd beschouwd.



Mannen bewusteloos maken

De beoefening van de chirurgie veranderde met de uitvinding van het eerste effectieve anestheticum door de Amerikaanse tandarts William Morton (1819-1869). Hij trok op 30 september 1864 een tand bij Eben Frost. Een gedenkwaardig moment, want hij had de patiënt buiten bewustzijn gebracht met een in ether gedrenkte zakdoek. Frost voelde geen enkele pijn en ging 20 minuten later weer aan het werk. Toen maakte Morton het eerste anesthesieapparaat. Dat was een simpele glazen bol met een tuit waardoor frisse lucht binnenkwam en een andere tuit die de patiënt in de mond nam. In de bol zat een met ether doordrenkte spons. De patiënt inhaleerde via de tuit en raakte buiten bewustzijn.

De eerste volledige chirurgische ingreep werd op 16 oktober 1846 door prof. John C. Warren uit Boston uitgevoerd op Gilbert Abbott, die een lelijke, goedaardige tumor in zijn nek had. Na een operatie van 30 minuten werd de patiënt wakker. Er was diverse keren in zijn huid gesneden en een slagader had hevig gebloed, maar Abbott had niets gevoeld. Al snel bereikte het nieuws over de ontdekking Liston (zie kader hierboven) in Londen. Hij bouwde eenzelfde apparaat als Morton en kocht wat ether. Op 21 december 1846 voerde Liston in het London University College de eerste Engelse amputatie onder verdoving uit. Frederick Churchills scheenbeen moest worden verwijderd en hij werd weggemaakt met wat Liston noemde ‘een yankeefoefje… om mannen bewusteloos te maken’. Liston pakte zijn favoriete mes – met een kerf erin voor elke succesvolle operatie – en 28 seconden later was het been afgezet. De wond was al verbonden voordat Churchill wakker werd. Hij wilde gaan zitten en zei dat hij van gedachten was veranderd en van de operatie afzag. Hij kreeg het afgezette onderbeen te zien. Hoe hij reageerde is niet bekend. Er brak een nieuw tijdperk aan. Chirurgen hoefden zich niet meer te haasten tijdens operaties. Werd Liston langzamer? Waarschijnlijk niet.


Pest en cholera, geneeskunde door de eeuwen heen - Jonathan J. Moore
Uitgeverij Davidsfonds
ISBN 9789059089815
256 pagina's
€ 29,99

 

Delen
1 keer gedeeld
reageer

Ook interessant

nieuws
Hoog risico overlijden coronapatiënten na operatie
nieuws
Verwachtings- management verbetert tevredenheid knieprothese
blog
Bariatrische chirurgie, een specialisme met maatschappelijke grondslag
blog
“Dit werk doet veel meer met je dan je denkt.”

Ingrid Hummel

Met mijn neus voor nieuws, enthousiasme en ervaring als operatieassistente in zowel diverse ziekenhuizen als zelfstandige behandelcentra, houd ik jullie, als redacteur van OK Visie, graag op de hoogte van de laatste ontwikkelingen op ok-gebied.
Daarnaast ben ik het gezicht van 'OKteleVisie, vrouw van Martijn, trotse moeder en fanatiek gezelligheidstennisster.

bekijk al mijn blogs >
nog geen reacties geplaatst
...

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Reactie*

Naam*

E-mail*

Plaats reactie >