Sugammadex geeft iets minder postpulmonale complicaties dan antagoneren met neostigmine
Met sugammadex krijgen patiënten na grote abdominale of thoracale chirurgie iets minder vaak postpulmonale complicaties dan met neostigmine. Dat blijkt uit de internationale SNaPP-trial, die in juni 2026 verscheen in The Lancet Respiratory Medicine. Aan het onderzoek deden 3.498 patiënten van 40 jaar en ouder mee, in 44 ziekenhuizen in Australië, Nieuw-Zeeland en Hongkong. Aan het eind van de operatie kregen zij sugammadex of neostigmine om spierverslapping met rocuronium of vecuronium te antagoneren. In de sugammadexgroep kreeg 19,0% van de patiënten een longcomplicatie of overleed. In de neostigminegroep was dat 21,5%. Dat is een relatieve daling van ongeveer 12%.
Het verschil kwam vooral door atelectase; bij sugammadex kwam dit voor bij 18,4% van de patiënten, bij neostigmine bij 21,1%. Bij longontsteking, aspiratie en sterfte vonden de onderzoekers geen verschil. De onderzoekers noemen de winst zelf klein en vinden de klinische betekenis van atelectase onzeker. Toch vinden ze dat sugammadex de eerste keus kan zijn als antagonist van relaxantia.
Voor de anesthesiologische praktijk vragen de resultaten om voorzichtigheid. Omdat de trial pragmatisch was opgezet en de dosering aan de behandelaar werd overgelaten, zijn de resultaten goed toe te passen in de dagelijkse praktijk. Het is wel de vraag hoeveel van het verschil komt door minder recurarisatie, en hoeveel door hoe vaak en hoe goed er kwantitatief neuromusculair werd gemonitord. Een TOF-ratio van = 0,9 vóór detubatie blijft daarom de norm, welk middel je ook kiest.
Voor het afdelingsbeleid kun je overwegen sugammadex vooral in te zetten bij patiënten met een verhoogd risico op postpulmonale complicaties, bij een diepe blokkade en bij lange abdominale of thoracale ingrepen. Weeg daarbij de hogere kosten af tegen een klein maar consistent voordeel. De Britse SINFONIA-trial vergelijkt beide middelen bij patiënten van 50 jaar en ouder die een grote abdominale of thoracale ingreep ondergaan. Die trial kijkt naar het klinisch effect én naar de kosteneffectiviteit, en kan dus belangrijke aanvullende gegevens opleveren.
Bron: Leslie K, et al. Lancet Respir Med 2026. DOI: 10.1016/S2213-2600(26)00158-X